Nieuwe plannen woningmarkt vragen om veel meer spaargeld

02 jun

Een advies van het Financieel Stabiliteitscomité (FSC) heeft tot veel oproer in het land geleid. Het gaat om een advies om de leengrens voor woningen te beperken tot maximaal 90%. Momenteel werkt de overheid aan een afbouw naar 100%, waardoor het niet langer mogelijk is om meer te lenen van de waarde van de woning op dat moment.

 

Leengrens al steeds lager

De leengrens wordt ieder jaar een beetje verder verlaagd, tot 100% in 2018. Vanaf dat moment zullen huizenkopers bijvoorbeeld de kosten koper en de inrichting uit eigen zak moeten betalen, wat vraagt om een aanzienlijke investering van spaargeld. Het advies luidt dat de overheid er verstandig aan doet de leengrens verder omlaag te brengen, naar 90%. In dat geval zou een woning van €250.000 vragen om €37.500 spaargeld, nog los van de bijkomende kosten voor de financiering en aankoop. In de praktijk zal dat betekenen dat een gezin minstens €50.000 aan eigen geld dient in te brengen, een bedrag dat weinig mensen direct hebben liggen. Hier staat aan de andere kant een betere bescherming tegen eventuele prijsdalingen van woningen tegenover, een hypotheek komt minder snel onder water te staan.

 

Drempel tot huis kopen opnieuw groter

Onder andere Wegwijs is niet te spreken over de nieuwe plannen met betrekking tot de woningmarkt, het zal er volgens hen en vele anderen toe leiden dat de drempel tot het kopen van een eigen woning opnieuw groter wordt. Het is op dit moment mogelijk om nog 103% van de waarde van een woning te lenen, al is dat bedrag doorgaans al onvoldoende om alle kosten te financieren. Een grotere drempel tot kopen zal de vraag op de woningmarkt laten inzakken, waardoor het herstel schade op kan lopen en de gevolgen van de crisis langer merkbaar blijven.