Het hypotheekplafond gaat voor veel huishoudens omlaag

05 jan

Sinds 1 januari van dit jaar kunnen huishoudens weer iets minder lenen voor de hypotheek dan vorig jaar. Dat heeft deels te maken met de strengere inkomensnormen en ligt bovendien aan de gedaalde maximale loan-to-value ratio. Het is nog mogelijk om maximaal 101% van de waarde van een woning te lenen, vorig jaar was dat nog 102%.

 

Schuldenberg moet omlaag

Het past binnen het beleid van de overheid om de schuldenberg in Nederland omlaag te brengen. We hebben in totaal ruim €662 miljard schuld uitstaan aan hypotheken. Uiteindelijk moet het nog maar mogelijk zijn om maximaal 100% van de waarde van een woning te financieren. Het is bovendien niet uitgesloten dat de overheid de maximaal te financieren bedragen verder omlaag zal brengen. Dat betekent dat er meer eigen geld benodigd zal zijn om een woning te kopen, bijvoorbeeld om de kosten koper te kunnen voldoen. Er is een uitzondering beschikbaar voor milieuvriendelijke woningen en dergelijke verbouwingen, het is dan nog altijd mogelijk om 106% van de waarde te lenen. Dat percentage is daarmee gelijk aan wat er in 2016 mogelijk was.

 

Tweede inkomen telt zwaarder mee

Aan de andere kant zal het tweede inkomen van hypotheekaanvragers zwaarder mee gaan tellen. Tot nu toe mochten hypotheekaanvragers het tweede inkomen voor 50% meetellen, vanaf 1 januari is dat maximaal 60%. Het betekent in de praktijk dat het iets gemakkelijker zal worden om een hypotheek op twee inkomens aan te vragen. De tweeverdieners krijgen er meer mogelijkheden bij, waardoor ze een groter huis of überhaupt een huis zullen kunnen komen. Uiteraard geldt ook voor hen de grens van maximaal 101% van de waarde van een woning. Zelfs bij een hoog inkomen valt er dus maximaal €252.500 te lenen voor een woning met een waarde van €250.000.