Banken mogen woningen niet zomaar veilen bij een betalingsachterstand

28 mei

Een bank heeft niet zomaar het recht om een woning te veilen, op het moment dat de hypotheeknemer een betalingsachterstand ontwikkelt. Dat blijkt uit een recent vonnis van de rechtbank in Amsterdam, die aangeeft dat er wat meer coulance verwacht mag worden van de banken. Zij hebben vooral de taak een veiling te voorkomen, aangezien dit tot onnodig grote financiële problemen bij huiseigenaren kan leiden.

 

Economisch mindere tijden

Volgens de Amsterdamse voorzieningenrechter dienen banken er rekening mee te houden dat het economisch op dit moment een stuk minder gaat dan een aantal jaren geleden. Hierdoor staan veel woningen ‘onder water’, wat betekent dat de hypotheekschuld hoger is dan de waarde van de woning. Op het moment dat een woning geveild wordt kan er een flinke restschuld ontstaan, waardoor huiseigenaren in de problemen kunnen komen. In de huidige zaak zou er een restschuld van €50.000 ontstaan, op basis van de verwachte opbrengst van de woning in een veiling. De totale schuld aan de bank bedroeg maar zo’n €15.000, waardoor de restschuld volgens de rechter te overzien viel en een veiling niet de juiste stap was.

 

Proberen veiling te voorkomen

De huiseigenaar was naar de rechter gestapt, om op die manier een veiling van zijn woning te voorkomen. Hij vond het gelijk aan zijn zijde, mede omdat hij inmiddels flinke stappen had gezet om zijn schulden te minimaliseren. Hij was er bijvoorbeeld in geslaagd om de vereniging van eigenaren af te betalen en hij had bovendien voldaan aan de andere betalingsvoorwaarden van de bank. Tenslotte wist hij de rechter ervan te overtuigen dat hij inmiddels extra inkomsten tot zijn beschikking heeft. De rechtbank gaf aan dat het bank ‘tot het uiterste’ moet gaan om een restschuld te voorkomen, zodat huiseigenaren uit de financiële problemen blijven.